Kennisbank Bijen in de tuin of bij uw huis: soort en nest herkennen

Kennisbank · 28 september 2026 · 3 min

Bijen in de tuin of bij uw huis: soort en nest herkennen

Bijen bij bloemen vormen meestal geen gebouwprobleem. Kijk bij herhaald invliegen eerst welke dieren en nestplek u ziet.

B

Bureau voor Dierplagen

Redactie

Bijen in de tuin of bij uw huis: soort en nest herkennen

“Bijen” is een brede naam. Een honingbijenvolk, een hommelnest en de afzonderlijke nestgangen van wilde bijen vragen elk om een andere reactie. Een dier op een bloem vertelt nog niet waar het nest zit. Kijk of er dieren steeds dezelfde plek binnengaan en leg die plek vast zonder de toegang te blokkeren.

Bijen bezoeken bloemen voor nectar en stuifmeel. Daarbij kunnen zij stuifmeel tussen bloemen verplaatsen. Hun aanwezigheid in een tuin is op zichzelf geen reden om ze te weren.

Welke bij ziet u?

Honingbijen leven in volken met een koningin en werksters. Veel andere wilde bijen maken afzonderlijke nestcellen in de bodem of in bestaande gangen in hout en stengels. Hommels zijn ook bijen, maar vallen op door hun stevige, dichtbehaarde lichaam en hun eigen seizoenskolonie.

Kleur en grootte alleen geven geen zekere soortnaam. Een zweefvlieg kan bijvoorbeeld op een bij lijken. Kijk naar gedrag, beharing en de plek waar dieren voedsel verzamelen of invliegen. Maak bij twijfel een foto van het dier én van de omgeving.

Bekijk de herkenningshulp van Bestuivers.nl

Waar bouwen bijen hun nest?

Nestplaatsen lopen sterk uiteen. Sommige wilde bijen graven in schaars begroeide bodem; andere gebruiken holle stengels, oud hout of een bestaande spleet. Hommels kunnen een verlaten muizenhol, boomholte of beschutte plek tussen vegetatie gebruiken. Een honingbijenvolk kan in een kast of een geschikte holte zitten.

Een groep dieren op één gevel is daardoor niet automatisch één groot volk. Let op of elk dier een eigen klein gangetje gebruikt of dat veel dieren door dezelfde opening vliegen. Dat verschil helpt bij het kiezen van passende hulp.

Lees over nestplaatsen van wilde bijen

Wat doet u bij een zwerm of een nest in het gebouw?

Houd afstand en voorkom dat kinderen of huisdieren de dieren verstoren. Sluit een actieve opening niet af: u weet dan niet waar het volk of de nestcellen blijven. Noteer waar de dieren zitten, sinds wanneer u ze ziet en of er binnen ook dieren verschijnen.

Vermoedt u een honingbijenzwerm of een volk, vraag een imkervereniging om de juiste vervolgstap. BVD biedt het verwijderen van bijennesten niet als zelfstandige dienst aan. Bij twijfel tussen bij, hommel en wesp is een goede soortherkenning eerst nodig.

Bekijk de doorverwijzing van de Bijenstichting

Moet u bijen uit de tuin weren?

Bijen die op bloemen foerageren hoeven doorgaans niet weg. Verander een bloemenrijke tuin niet in een kale plek om enkele bezoekers te vermijden. Als een looproute of speelplek direct langs een nestopening loopt, kan tijdelijke afstand of een andere route al helpen zonder het nest aan te raken.

Spuit niet in een onbekende holte en verwijder geen nest op basis van een algemene soortnaam. De soort, nestfunctie en plaats bepalen welke specialist kan helpen. Voor een hommelnest gelden andere praktische vragen dan voor een honingbijenzwerm.

Lees over hommels bij uw huis

Hoe helpt u wilde bijen?

Een tuin met bloemen over het seizoen en geschikte nestplekken kan wilde bijen ondersteunen. Niet elke soort gebruikt een bijenhotel: bodemnestelaars hebben juist passende grond nodig. Laat bestaande nestplaatsen zo mogelijk ongemoeid en voorkom dat een gebruikte gang bij onderhoud onbedoeld wordt dichtgemaakt.

Wilt u een hotel plaatsen, kies de plek en het materiaal zorgvuldig. Het bestaande BVD-artikel over bijenhotels behandelt die keuze. Een hotel is geen oplossing voor een zwerm of een nest in een gebouw.

Wanneer is extra hulp nodig?

Bij veel dieren in een woonruimte, een nest vlak bij een noodzakelijke doorgang of een onbekende soort is advies op maat verstandig. Stuur een duidelijke foto en beschrijf de locatie zonder zelf een opening open te breken. Voor een honingbijenvolk is een imker het aangewezen eerste contact.

Een ernstige reactie na een steek is een medische vraag en hoort niet bij een weringsadvies. Zoek dan direct passende medische hulp. Voor de meeste waarnemingen in een tuin volstaat observeren en afstand houden.

Geraadpleegde bronnen

Plan een inspectie