Soorten Franse veldwesp herkennen: open nest onder dakpan of kozijn
Soortinformatie · 29 september 2026 · 3 min
Franse veldwesp herkennen: open nest onder dakpan of kozijn
De Franse veldwesp bouwt een klein, open nestje zonder omhulsel. Zij komt niet op zoet af en blijft bij het nest meestal rustig.
Bureau voor Dierplagen
Redactie
De Franse veldwesp (Polistes dominula) is een warmteminnende wesp die volgens het KAD de laatste jaren vaker in Nederland voorkomt. Zij bouwt een klein nestje op een beschutte, warme plek, zoals onder een dakpan, een kozijn of de handgreep van een kliko. Omdat de raat open is, ziet u de wespen op het nest zitten. Dat oogt spannend, maar de kolonie blijft klein.
Hoe herkent u een Franse veldwesp?
De Franse veldwesp is ongeveer 10 tot 18 millimeter lang, zwart met gele dwarsbanden en heeft een duidelijke wespentaille. Het lijf oogt slanker en langer dan dat van de gewone wesp. De voelsprieten zijn aan het uiteinde oranjegeel. In de vlucht hangen de lange gele poten vaak onder het lijf. Dat kenmerk ziet u al van enkele meters afstand.
Andere veldwespen hebben ook hangende poten. Voor een zekere determinatie kijkt een specialist naar details van kop en achterlijf. Voor uw afweging thuis is het nesttype meestal genoeg: een open raat zonder papieren omhulsel past bij een veldwesp.
Bekijk de Franse veldwesp bij de WespenstichtingHoe ziet het nest eruit?
Het nest is een grijze, papierachtige raat zonder omhulsel eromheen. De cellen en de wespen zijn van buitenaf zichtbaar. Volgens de Wespenstichting wordt zo'n nest hooguit ongeveer 15 centimeter breed. Het KAD beschrijft nesten met gemiddeld zo'n tien wespen. Dat is een groot verschil met de duizenden dieren in een nest van de gewone of Duitse wesp.
Nesten zitten op beschutte plekken die warm worden: onder dakpannen, onder een raamkozijn of dakrand, in een schuur en soms in een auto die weinig wordt gebruikt. Het KAD noemt ook nesten onder de handgreep van een kliko.
Hoe leeft een kolonie?
Een koningin die heeft overwinterd, begint in het voorjaar een nest. Soms werken twee of meer jonge koninginnen, vaak zusters, samen aan één nest. Er ontstaat dan een rangorde: het dominante vrouwtje legt de meeste eitjes, de anderen gaan als werkster aan de slag. Later komen er ook echte werksters bij. Soms zitten meerdere nestjes dicht bij elkaar.
De Franse veldwesp jaagt vooral op andere insecten als voedsel voor de larven. Zij komt volgens het KAD niet af op zoete stoffen. Op het terras heeft u daarom zelden last van deze soort, ook als er een nestje in de buurt hangt.
Vergelijk met de gewone wespIs een nest van de Franse veldwesp gevaarlijk?
Veldwespen steken vooral als zij zich bedreigd voelen, bijvoorbeeld als iemand het nest aanraakt of klem zet. De Wespenstichting beschrijft de soort als zeer tolerant bij het nest. Het risico zit dus vooral in onbewust contact: een dakpan optillen, een luik openen of een kliko bij de handgreep vastpakken.
Kijk daarom vóór klussen aan dak, kozijn of schuur eerst of er een open raatje hangt. Werk dan op een ander moment of op een andere plek. Een steek is gevaarlijk bij een allergie of bij een steek in de mond; zoek dan direct medische hulp.
Moet een nestje weg?
Een nest dat niemand raakt, kan meestal blijven. De kolonie leeft één seizoen en het oude nest wordt niet opnieuw gebruikt. Hangt het nestje op een plek die dagelijks wordt aangeraakt, zoals een kliko-handgreep of een deur die open moet, overleg dan eerst met een wespenconsulent. Bij zo'n klein nest is een aanpassing van het gebruik soms al genoeg.
Sla of spuit niet naar een nest waar wespen op zitten. Voor bestrijding is een bevoegde plaagdierbeheerser nodig. Wespenbestrijding is geen kernspecialisme van BVD; reguliere meldingen nemen we alleen lokaal en afhankelijk van de situatie aan.
Bekijk de lokale wespenrouteHoe voorkomt u een nest op dezelfde plek?
Koninginnen overwinteren op beschutte plekken, soms ook in een huis of schuur. In het voorjaar zoeken zij een warme, droge plek voor een nieuw nest. Controleer in april en mei de plekken waar eerder een nestje hing. Zo ziet u vroeg of dezelfde plek weer in gebruik raakt.
Losse dakpannen, open kieren bij kozijnen en ongebruikte hoeken van een schuur kunt u buiten het seizoen laten afwerken. Houd bij gevelopeningen rekening met ventilatie en met vleermuizen.